Ga naar de inhoudsopgave

Hoofdmenu:

www.hondensport.de


Clickertraining

Onderwerpen

Operante conditionering

Ik denk dat het onnodig is om nog eens te vertellen hoe en waar de operante conditionering en clickertraining zijn ontstaan. Maar voordat ik dieper wens in te gaan op het gebruik van de leermethode in afdeling C, wil ik toch nog even de basis van het leerprincipe bespreken.

Operante conditionering staat gelijk aan vrijwillig leren door motivatie en beloning. Alles wordt aangeleerd in 4 leerfasen.

Een activerende fase,
Fase van de introductie van het bevel,
Testfase
Beheersfase.
Fase 1: Een activerende fase,

Tijdens de activerende fase wordt het gewenste gedrag aangeleerd. D.m.v. shaping (stap voor stap iets leren) wordt het gedrag gevormd. In eerste instantie wordt voor ieder gedrag dat in de richting wijst van het uiteindelijke gewenste gedrag geclcikt en beloond.

Eens het gedrag een beetje vorm begint te krijgen gaat men als geleider een duidelijk criterium gaan stellen en nog enkel clicken voor dat criterium. Beetje bij beetje wordt het criterium aangepast, de hond moet het gedrag beter of meer laten zien. Uiteindelijk bekomt men een eindresultaat van 100% kwaliteit. Tijdens de activerende fase worden er geen bevelen gegeven. Ook hoeft er hier nog geen rekening te worden gehouden met de snelheid van de uitvoering van de oefening (deze wordt pas in de testfase opgebouwd). Echter, de kwaliteit of perfectie van de uitvoering is van absoluut belang wil men een uitstekend resultaat kunnen behalen op examens en/of wedstrijden.

Als men het bevel zou inbrengen als de hond slechts 85% kwaliteit zou vertonen, dan kan men later ook maar 85% eisen van de hond. Pas als men 100% kwaliteit heeft bereikt, kan men het bijpassend bevel leren associëren met het gedrag en dus overstappen naar de tweede leerfase.

Fase 2: de introductie van het bevel,

Op de intentie dat de hond het gedrag (vrijwillig) gaat vertonen zegt men het bevel. De click en de beloning volgt. Na zeer veel herhalingen (gemiddelde van 12 trainingssessies van 3 tot maximaal 5 minuten) kunnen we aannemen dat de associatie werd gelegd en dat de hond de oefening kan uitvoeren op bevel.

Vanaf nu gebeurt er iets zeer interessant. Als tot op heden het gedrag en de beloning bijna onder controle stond van de hond – telkens de hond het gedrag vertoonde moest er worden geclickt en beloond, mag men vanaf nu niet meer belonen als de hond het gedrag uitvoert zonder dat er een bevel werd gegeven. Geef het bevel, en als de hond het gedrag met 100% kwaliteit vertoont moet men clicken en belonen.

Tot zo lang men deze fase heeft bereikt is het aan te raden de oefeningen te laten uitvoeren in gekende en vertrouwde situaties voor de hond (thuis, de tuin, het oefenveld van de hondenclub). Ongekende - of situaties met veel afleiding creëren onvermijdelijk stress bij de hond. Stress betekent dat het lichaam van de hond om ‘aanpassing’ vraagt en dat, mogelijks het gekende gedrag, tijdelijk, op een iets lager niveau zal worden uitgevoerd. Een goede gebruikshond zal zich uiteraard zeer snel aanpassen aan de situatie waardoor het niveau van uitvoering weer normaal zal worden. Als men echter als geleider druk begint te doen door luider te roepen, fysieke dwang in te brengen enz., dan zal dit onvermijdelijk leiden tot nog meer stress en problemen en aldus in een omgekeerd effect resulteren.

Fase 3: Testfase

Vanaf nu kunnen we beginnen aan de snelheid van uitvoering te werken. Door de hond niet altijd meer te belonen voor de perfecte uitvoering zal er een lichte frustratie ontstaan waardoor de hond sneller en heviger gedrag zal laten zien. Voor een minimale verbetering moet er dan worden geclickt en beloond.

Dergelijke versterking op snelheid noemen we interval beloning. Er wordt enkel beloond voor een snellere uitvoering van een gekend gedrag. Het gebruiken van verschillende gradatie van beloning kan hier een goed hulpmiddel zijn. Als men tot hier toe gebruik maakte van de lagere driften van de hond en beloonde met voeding (voedingsdrift) kan men nu een iets hogere drift aanspreken en belonen met het balletje (de buitdrift).

Opgelet: de kwaliteit kan tijdelijk iets minder zijn, maar dit moet door de vingers worden gezien. Men kan maar aan één ding tegelijk werken. Als de snelheid op het juiste niveau is kan er gewerkt worden aan 100% kwaliteit en de juiste snelheid in één criterium. Hiermede wil ik al een eerste zeer belangrijk voordeel belichten van clickertraining.



AFDELING C - VERDEDIGING

Met deze methode geeft men de hond meer duidelijkheid over datgene wat er moet worden geleerd en heeft de geleider de mogelijkheid om een oefening in te delen in verschillede criteria (apporteren: werken op snelheid naar de blok toe, werken op de manier waarop de hond het blok moet opnemen, op de snelheid van terugbrengen, op het voorzitten, op het mooi vasthouden van het blok, op het loslaten van het blok, op het blijven zitten na het loslaten. – Aanblaffen in het verstek: Werken op de tijd van het blaffen, de kracht van het blaffen, de afstand van de mouw tijdens het blaffen, zitten tijdens het blaffen, bijkomen van de geleider tijdens het blaffen, enz).

Als men de kwaliteit en de snelheid van uitvoering steeds onder controle heeft kan men aan de laatste leerfase beginnen.

Fase 4: Beheersfase.

Het is nu de bedoeling dat de hond altijd en overal het juiste gedrag laat zien en dat de hond in staat is om een ketting van verschillende oefeningen uit te voeren voor één click en beloning. Daarnaast wordt de clicker dan enkel nog in nieuwe, voor de hond ongekende situaties gebruikt (bijvoorbeeld: tijdens de in - training voor een wedstrijd en waarbij wordt rekening gehouden met de stresstoestand van de hond). Waar de oefening uitstekend wordt uitgevoerd is de clicker overbodig.

De clicker is een hulpmiddel om de hond snel iets te leren! Het mag nooit de bedoeling zijn om de clicker te gebruiken als een soort ‘vrij – signaal’
De hond mag in geen geval worden verslaafd gemaakt aan de clicker, maar wel aan zijn gedrag dat een beloning creëert. Indien men de clicker te willekeurig gaat gebruiken dan verliest hij zijn communicerend voordeel en leert de hond niets meer.

Clickertraining in Afdeling C - Verdediging:

Hier heerst nogal wat ongeloof bij de ervaren africhter. Ik kan dit begrijpen. Deze methode van trainen vraagt een echte ommekeer in denken. In afdeling B – gehoorzaamheid is het eenvoudig om in lage driften te werken en heeft men minder af te rekenen met de hogere driften die steeds om de hoek komen kijken bij pakwerk. Het is inderdaad zo dat een hond die zich in hoge drift bevindt (bijna) niet meer in staat is om te leren. Traditioneel gaat men dan gebruik maken van pijn veroorzakende prikkels zoals africhtingshalsbanden en elektro - stimulerende toestellen. Als men met de clicker wil werken tijdens pakwerk is het de kunst om de hond in lagere drift te houden.

Hoe houdt men een hond in lagere drift tijdens pakwerk?


Eerst de nodige controle opbouwen alvores te beginnen met pakwerk (leren volgen, aan de voet zitten, liggen, blijven, komen, bijten en lossen op bevel (bijtrolletje).
Enkel beginnen werken op het teken van de geleider en dit op voorwaarde dat de hond rustig is.
De pakwerker in eerste instantie laten werken met het gekende bijtrolletje van de geleider en onmiddellijk gehoorzaamheid eisen van de hond (zit en naar de geleider kijken) alvorens hem te laten ophitsen en/of bijten.
Onmiddellijke controle eisen na iedere bijtoefening alvorens verder te gaan met de volgende oefening.
De training onmiddellijk stilleggen bij de minste weerstand van de hond om te gehoorzamen. (negatieve straf – time out)
Duidelijkheid voor de hond garanderen door oefening per oefening aan te leren, dit op dezelfde manier als tijdens de gehoorzaamheid waarbij de onvoorspelbaarheid voor de hond zeer belangrijk is.
Eigen emoties onder controle houden.
Niet te lang werken - per trainingsdag 2 trainingssessies van maximaal 5 à 7 minuten.
Pas de driften tot uiting laten komen (onder invloed van de pakwerker) als de hond de gehoorzaamheidsoefeningen binnen het pakwerk begrijpt.
Na de training de hond voldoende laten ontspannen alvorens hem in de auto of de aanhangwagen te stoppen.
Enkele praktijkvoorbeelden:

Aanblaffen

- De hond de oefening eerst thuis leren (eventueel in samenwerking met een vriend)
- De hond in zit brengen voor de pakwerker in het verstek (ik ben voorstander om de hond alleen te laten blaffen in het verstek en op het terrein stille bewaking te trainen), het signaal ‘Luid geven’ als de hond één blaf doet clicken en belonen door de buit te geven (bijtrolletje, mouw)
- Het aantal blaffen verhogen (criterium meer)
- De kracht van het blaffen vermeerderen (criterium beter)
- De hond zijn plaats voor de pakwerker zelfstandig leren innemen. Dit doet men door de hond 2 meter voor de pakwerker het bevel luid te geven en pas te clicken en te belonen (met bijtrolletje of mouw) zodra hij zijn plaats heeft ingenomen. De kwaliteit van het blaffen wordt dan als niet belangrijk gezien. Om te vermijden dat de hond zou inbijten i.p.v. te blaffen wordt de hond aan de lijn gehouden.
- De hond laten terugvallen op datgene wat hij reeds had geleerd (aanblaffen) Van op 2 meter wordt het bevel ‘Luid’ gegeven – de hond gaat voor de pakwerker zitten en gaat met hoge intensiteit aanblaffen – clicken en belonen bij prima resultaat. Indien de hond geen vorderingen maakt, vraag je dan af hoe dat komt en keer desnoods terug in het trainingsprogramma (criterium terug)
- Zodra de oefening (geldt voor alle oefeningen) wordt de clicker weggelaten.

Revieren

- Leer de hond de oefening eerst in de tuin door hem rond een borstelsteel te leren lopen. Plaats de borstelsteel in de hoek van de tuin, op die manier dat hij er net kan rondlopen. Neem de hond aan de lijn en positioneer hem zodanig dat hij enkel de mogelijkheid heeft zich in de richting van de borstelsteel te begeven. Bij de minste intentie – click en beloon. Door middel van shaping leer je de hond helemaal rond de borstelsteel te lopen voor een click en beloning. Bouw nu de afstand tussen de geleider en de borstelsteel op tot ongeveer 20 meter. Als de hond dit gedrag beheerst wordt het bevel ‘Revier’ geïntroduceerd. Begin terug net voor de borstelsteel en vergroot geleidelijk de afstand. Ook bij de testfase dient eerst op kortere afstand te worden getraind.
- Plaats nu de borstelsteel in het 5de verstek en dit zodanig dat de hond niet om de borstelsteel kan en dus verplicht is om rond het verstek te lopen (6de verstek = waar de pakwerker komt te staan). In eerste instantie wordt er zonder pakwerker gewerkt. Geef het signaal ‘Revier’ als de hond het gedrag uitvoert – click en beloning.
- Combinatie met ‘Hier’ – ‘Revier’ – ‘Hier’ – Click en beloning
- Combinatie met ‘Hier’ en aanblaffen in het 6de verstek. Geef het signaal ‘Revier’ – ‘Hier’ – ‘Revier’ – ‘Luid’ – Click en beloning


- Weglaten van het signaal ‘Luid’. Door klassieke conditionering zal de hond het signaal associëren met het zien van de pakwerker. Klassieke conditioneren is een associatie tussen twee prikkels –Luid en de Pakwerker.
- 3, 4, 5 en 6 verstekken revieren. Dit is een ketting die op voorwaarde dat de oefening goed werd aangeleerd geen problemen mag opleveren.
- Bij de minste intentie tot uitbreken van de hond wordt de training stil gelegd voor maximaal 2 minuten en wordt daarna bij het begin van de oefening opnieuw aangevangen.

Bijten op de mouw

- Hitsen (jachtdrift en buitdrift aanwakkeren) – inbijten – click en mouw geven
- Hitsen – inbijten – volbijten (criterium beter) – click en mouw geven.
- Hitsen – inbijten – in trekken gaan – click en mouw geven
- Hitsen – op intentie van inbijten ‘Vast’ – in trekken gaan – click en mouw geven.
- Signaal ‘Zit’ – signaal ‘Vast’ – inbijten en in trekken gaan = Click en mouw geven.
- Combineren met andere gehoorzaamheidsoefeningen


Er kan ook worden geclickt voor het juist uitvoeren van gehoorzaamheidsoefeningen en de hond mag inbijten als beloning. Er moet dan uiteraard niet meer worden geclickt voor de kwaliteit van het bijten. Eenmaal de hond de oefeningen kent laat men de hond inbijten op het signaal ‘Vast’ en niet op het clicken.
Extinctie van de associatie Click – bijten (beloning)

Als de hond alle oefeningen binnen het pakwerk kent laat men vanaf dan de hond enkel bijten op bevel ‘Vast’ of op daarmee geassocieerde signalen (vlucht en dreiging door de pakwerker) Dit doet men door met verschillende mensen te clicken tijdens de oefeningen en de hond toch te laten verder doen met de oefeningen en uiteindelijk te laten bijten op bevel.

Voordelen bij het gebruik van de clicker in afdeling C


De clicker is reeds gekend als signaal van goedkeuring en beloning door het gebruik in de gehoorzaamheid.
Veel duidelijker voor de hond dan emotioneel belonen
Mogelijkheid tot het trainen aan verschillende en individuele criteria
Door enkel gebruik van beloning en time out wordt de hond minder onder lichamelijke druk gebracht wat positief is voor de lichamelijke en psychische gezondheid van de hond.
Energie die verloren gaat tijdens strafgerichte training kan worden benut voor de kwaliteit en passie bij de uitvoering van de oefeningen.
De hond blijft in open toestand hetgeen resulteert in de mogelijkheid tot het blijven leren.
Automatisch zal de geleider ook veel rustiger blijven wat betere resultaten op wedstrijden met zich mee zal brengen
Betere opbouw en handhaving van de relatie geleider – hond

Home Page | Mijn honden | Wie ben ik... | video | Foto | Onderwerpen | Hondenpension | Contact | Links | Sitemap


Terug naar de inhoudsopgave | Terug naar het hoofdmenu